"Verbonden blijven met het natuurlijke"
Watapartja is een serie waarin professionele noordelijke ontwerpers worden geïntroduceerd. De in Groningen werkzame Melle Koot (Amsterdam, 1977) trok onlangs de aandacht met zijn tafel Oviraptor, gemaakt van schijven Swamp Kauri, bomen die zo'n 35.000 jaar geconserveerd zijn gebleven in een Nieuw Zeelands moeras.
Het bij toeval op de kop getikte partijtje Swamp Kauri voldoet perfect aan de eis die Koot, van oorsprong houtbewerker, stelt aan zijn materiaal. Dat moet een eigen verhaal hebben waarop de ontwerper kan voortborduren. Zodoende behoudt dat materiaal - bij voorkeur hout inderdaad - het eigen karakter; het blíjft grillig, eigenzinnig en natuurlijk. Dat zijn de weerbarstige eigenschappen die het karakter bepalen van het uiteindelijke resultaat, een bijna altijd verrassend Koot-object. Ter illustratie wijst hij naar een paar kasten die de schaftruimte in zijn werkplaats sieren: de planken hebben langs de zijkant de boomschors behouden.
OK108 heet de forse werkplaats, naar het adres: Oosterhamrikkade 108. Het is tevens de naam van een samenwerkingsverband van ontwerpers en/of uitvoerders die daar gezamenlijk gebruik maken van de ruimte en van de professionele gereedschappen. Plaats en uitrusting zijn te danken aan meubelmaker Martin Hoogedoorn, Koots grote mentor die enkele jaren geleden helaas is verongelukt. Zijn nabestaanden gunden Koot en enkele anderen de voortzetting van het huurcontract. Later werd Koot alleen hoofdhuurder, met als onderhuurders een schare nijvere creatievelingen, zoals de ontwerpers Ward Huting & Gerard de Hoop, Tycho Simmers, Erna Dijkman, Jan Hiemstra, Leen van Wijngaarden en Paul Martijn.
Luidruchtig gehamer, gezaag en geschuur is de dagelijkse achtergrondmuziek van OK108, maar daar schijnt niemand onder te lijden. Elk werkt hier voor eigen rekening, maar dikwijls worden de handen ineen geslagen: dan huurt de een de ander even in voor een bepaalde klus. Het losse collectief toonde de resultaten op de beurs Wonen&Co, op de grote stand die met de niet weinig pretentieuze naam Uniek & Uitdagend werd opgezadeld. Middelpunt was de genoemde 'oertafel', waarvoor Koot momenteel bijpassende stoelen produceert: in cortenstaal (frame) en Swamp Kauri (bekleding).
Koot groeide op in het Noord-Groninger dorp Zandeweer. Zijn liefde voor de natuur dreef hem in de richting van de bruine vloot; het wad was te mooi om waar te zijn, zei iemand hem. Op het water vond hij inderdaad de inspiratie voor zijn latere carrière als geavanceerd meubelmaker.
Het elementaire, dat spreekt hem sowieso aan. Dingen die zichzelf zijn. Echt zijn. In tegenstelling tot de ruis van de vercommercialiseerde maatschappij. "In de geldstroom moet je niet verzuipen. Anders verlies je je voelsprieten, blijf je niet wakker. Ik wil met het natuurlijke verbonden blijven." Zeven jaar lang zeilde hij in het seizoen met gasten, vooral ontspoorde of kansarme jongeren, op zoek naar een eigen koers. Nu is hij nog steeds één maand per jaar schipper op schoener De Tukker, ook een project voor genoemde categorie jongeren.
Dat elementaire vond hij onlangs ook terug onder de bevolking van de Mexicaanse regio Yucatan. Met de meest eenvoudige dingen, door ons eigenlijk beschouwd als afval, siert men daar de eigen omgeving op. Vrolijkheid in soberheid. Koot voelde zich aangesproken. Iets dergelijks probeerde hij bijvoorbeeld zelf met zijn coconachtige doodskist, een uiterst vriendelijk ogende 'sarcofaag' met nota bene eiken spanten - als van een schip - en op het witte deksel een simpele beschildering van een bevriende kunstenaar.
Hij kon zich de Midden-Amerikaanse trip permitteren nadat de uitgever van deze krant hem en collega Ward Huting de opdracht gaf voor het ontwerpen en maken van een serie leestafels plus de stand van Dagblad van het Noorden voor de beurs Wonen&Co. Die leestafels vielen bij Hazewinkel Pers-directeur Gijs Lensink zó in de smaak dat ze inmiddels het atrium van zijn krantengebouw sieren. Een visitekaartje!